Het toenemende aantal aanmeldingen bij de online poli van Mondriaan leidde tot een flinke groei in digitale praktijkervaring bij de ggz specialisten uit Zuid-Limburg. Vooral in online traumabehandeling. Ze ontdekten dat online behandeling een volwaardig alternatief kan zijn en in sommige gevallen unieke voordelen biedt. Het helpt wel om kritisch naar je manier van werken te kijken.
Han Gielen, zorgmanager Poli volwassenen bij Mondriaan
Goed voorbereid starten aan je behandeling
“Binnen de online poli behandelen we niet alleen PTSS, maar ook complexe PTSS. Bij beide vinden we het belangrijk om vóór de start van confrontatietherapie te investeren in een stevige voorbereiding,” vertelt Han Gielen, GZ-psycholoog in opleiding tot KP en voor Mondriaan zorgmanager bij de Poli Volwassenen in Maastricht.
Met Minddistrict-modules zet het team van de online poli mensen vaak actief aan het werk om dat te realiseren. Vaak met één interventie, zoals ‘Verken je spanning’ of ‘Emoties zijn oké’ (beiden onderdeel van de module 'Verder na trauma'), maar Han ziet dat patiënten daarna uit eigen beweging andere modules gaan verkennen. “Het feit dat ze deze ook in hun eigen tempo en in hun vertrouwde omgeving kunnen doorlopen, maakt dat de informatie beter beklijft. Tegelijkertijd voelen patiënten meer eigenaarschap, dat versoepelt vaak het behandelproces.”
"De berichtenfunctie biedt vrijwel directe input die we in een volgende sessie kunnen benutten."
Ook als de confrontatietherapie eenmaal begonnen is, merkt Han dat patiënten tussen de sessies thuis makkelijker aan de slag gaan met exposure-oefeningen: “omdat we via de chat laagdrempelig contact kunnen houden, bieden we steun op moeilijke momenten. We checken bijvoorbeeld op dagen met exposure bij ze in. Patiënten hebben bovendien de optie om via de berichtenfunctie hun ingevingen of gedachtestroom te delen. Dat is vrijwel directe input die we in een volgende sessie kunnen benutten.”
Met kleine stapjes uit isolement
Han hoeft niet lang na te denken over concrete voorbeelden van succesvolle online traumabehandeling. Ze vertelt over een patiënt die jarenlang in een isolement had geleefd.
“Ze had een fietsongeval meegemaakt, met langdurige lichamelijke klachten als gevolg, en durfde haar huis niet meer uit. Door de coronaperiode raakte ze daarbij steeds verder in een isolement,” herinnert ze zich. “Ze leefde volledig afhankelijk van familie, die haar boodschappen kwamen brengen. Haar dochter woonde bij haar vader omdat ze haar niet naar school kon brengen. Met behulp van digitale modules over angst, trauma en leefstijl begon ze kleine stappen te zetten om haar isolement te doorbreken. We hadden frequente, korte online contactmomenten om haar te motiveren en feedback te geven. Daarnaast deden we enkele digitale EMDR-sessies gericht op het fietsongeval en flashforwards op toekomstige angsten.”
Eerst maakte ze korte wandelingen in haar buurt, daarna breidde ze dit geleidelijk uit naar zelfstandig boodschappen doen. De doorbraak kwam toen ze, na weken oefenen, voor het eerst weer als passagier in de auto stapte en vervolgens het openbaar vervoer gebruikte. Ze begon weer met daten en haar sociale netwerk breidde zich langzaam uit. “Voor het afscheid van de therapie ontmoetten we elkaar voor het eerst in het echt op locatie. Ze vertelde trots dat ze opnieuw een fiets had gekocht en inmiddels was begonnen met autorijlessen.”
Een andere patiënt, een voormalig militair, vond het moeilijk om fysiek naar de poli te komen vanwege de angst om bekenden tegen te komen. “Online kon hij consequent afspraken nakomen en zijn behandeling afronden zonder extra spanning,” vertelt Han.
"Het laat zien dat digitale zorg voor sommige mensen de meest passende, en soms zelfs de enige haalbare, optie is.”
Tot slot deelt Han het verhaal van een patiënt waarbij intense beleving van trauma leidde tot niet-epileptische aanvallen. “In de behandelkamer bestond de kans dat hij zou omvallen en zich pijn zou doen bij zo’n aanval. Daarom besloten we consulten via videobelgesprekken te doen, bij imaginaire exposure lag de patiënt veilig op bed. Het laat zien dat digitale zorg voor sommige mensen de meest passende, en soms zelfs de enige haalbare, optie is.”
Andere kijk op behandelen
Werken in een online poli is op veel manieren anders. Als online behandelaar kan je vaak wat flexibeler zijn. “Afspraken kunnen wat makkelijker doorgaan, ook bij autopech of een zieke oppas. Je kan een alternatief bieden, zoals chatten of kort beeldbellen.”
"Patiënten nemen zelf meer regie, ontdekken dingen in hun eigen tempo."
Ook de relatie met de patiënt verandert, doordat die meer autonomie krijgt. “Je denkt meer als een gids. Patiënten nemen zelf meer regie, ontdekken dingen in hun eigen tempo en komen met gerichte vragen wanneer ze ergens tegenaan lopen. Daardoor ervaren ze ook vaker: ‘Ik heb dit zelf gedaan, dus ik kan na de behandeling ook zelf verder.’ Daardoor verloopt het afscheid van de therapie vaak ook natuurlijker.” De zelfredzaamheid helpt bij het doorlopen van het proces, vergeleken met reguliere zorg is de door- en uitstroom doorgaans dan ook sneller.
Uitdagingen en kansen
Gevraagd naar uitdagingen zegt Han dat het onbekende zorgprofessionals soms in de weg kan zitten. “Het is verleidelijk om haarfijn te willen weten hoe een interventie eruitziet en of deze goed aansluit bij de patiënt. Dat is lastig, want veel tijd is er niet. Soms is het nodig om met de patiënt in het diepe te springen en het samen te verkennen. Je mag erop vertrouwen dat ze ontwikkeld zijn door specialisten die zich inzetten voor het verbeteren van de kwaliteit en toegankelijkheid van zorg.”
Soms ontbreekt het zelfvertrouwen om digitaal te werken nog. Bij de patiëntenpopulatie merkt ze dat minder: “patiënten vinden doorgaans snel hun weg binnen de digitale modules. Ze zoeken sowieso veel informatie online. Juist daarom is het waardevol dat wij hen wetenschappelijk onderbouwde informatie en interventies kunnen aanbieden, zodat ze op een betrouwbare manier worden ondersteund.”
Het team heeft ook geleerd dat de Online Poli niet voor elke casus geschikt is. “Bij uitgebreide multiproblematiek blijkt het online vaak lastig te overzien, waardoor alsnog behandelaren van de reguliere poli moeten worden betrokken”. Dat is ook een thema dat speelt bij de doorontwikkeling van het zorgconcept. “Het lijkt me zinvol om meer aan kruisbestuiving te doen en vaker op locatie aanwezig te zijn om ook mensen regulier in te tekenen. Dan kunnen we actiever Minddistrict inzetten en het blended werken verder tot leven brengen. Ik kan me goed voorstellen dat ook complexere patiënten baat hebben bij extra structuur en eigenaarschap.”
Onderzoek naar digitale applicaties bij traumatherapie
Naast de genoemde praktijkinzichten investeert Mondriaan ook in de wetenschappelijke basis van digitaal werken.
“Ik ben actief bij een onderzoek naar de inzet van digitale applicaties bij traumatherapie. Dat is een samenwerkingsverband met de online poli van Parnassia en daarbij kijken we niet alleen naar het gebruik van Minddistrict, ook dat van applicaties als NiceDay, Psylaris en D-EMDR van WeMind.” Patiënten met PTSS of complexe PTSS werden volledig online of blended behandeld via de beveiligde digitale platforms.
“De eerste resultaten laten zien dat de digitale aanpak veelbelovend is. Ruim twee derde van de deelnemers liet een duidelijke afname van klachten zien en ongeveer de helft bereikte volledige remissie.” Opvallend is dat de verbetering vaak al vroeg in het traject zichtbaar werd: de helft van de patiënten behaalde binnen vijf weken een klinisch significante vermindering van symptomen.
"Ruim twee derde van de deelnemers liet een duidelijke afname van klachten zien en ongeveer de helft bereikte volledige remissie."
Ook keken de onderzoekers naar het persoonlijkheidskenmerk zelfsturing. Zijn mensen die hoog scoren op zelfsturing geschikter voor online behandeling? “Veel behandelaren verwachten dat digitale therapie alleen werkt bij patiënten met veel autonomie en zelfregulatie. Dit onderzoek laat echter het tegenovergestelde zien: de mate van zelfsturing aan het begin voorspelde het behandelresultaat niet. In plaats daarvan nam de zelfsturing juist toe tijdens de behandeling, in lijn met de verbetering van klachten,” zegt Han.
Zelfsturing lijkt zich dus tijdens het behandeltraject verder te ontwikkelen. “Waar dit precies aan ligt, is nog onduidelijk en vraagt om vervolgonderzoek. Misschien hangt deze ontwikkeling samen met het afnemen van klachten, maar het is ook denkbaar dat digitale interventies tussen sessies door bijdragen aan het versterken van zelfsturende vaardigheden.”
Digitaal werken vereist durf
Het gesprek over de online traumabehandeling van Mondriaan laat zien dat er ook wat durf nodig is voor digitaal werken. Er wordt vaker van je gevraagd om los te laten en te vertrouwen in de zelfredzaamheid van de patiënt. Zo’n sprong in het diepe is voor de één lastiger dan de ander, maar blijkt uiteindelijk de moeite waard:
- Het team krijgt meer handvatten om vroeg in het zorgproces te stabiliseren;
- Het lukt om sneller om aan de slag te gaan met uitdaagtechnieken;
- Mondriaan bereikt een doelgroep die ze met reguliere zorg niet zouden bereiken.
En waarschijnlijk het belangrijkste, in de woorden van Han: “je merkt dat patiënten meer vertrouwen krijgen in zichzelf.”